Vanavond liep ik door de straten,
De gevels bogen naar binnen,
Als vermoeid aan de overpeinzing,
Weefden we hier ooit linnen,
 
De donkerte was met hun lot,
En liet ze krommen in verlangen,
In ramen kierden de nacht,
Als gelede ogen aan rail gehangen,
 
Het geluid van mijn stap klonk,
Als ruis tegen oude muren,
In de stad stond het leven tot morgen,
Roerloos en zwijgend te turen,
 
De versleten getouwen,
Hadden hun dreunen afgedragen,
De doodse panden moe en verlaten,
Waar werken ons moesten behagen,
 
Weefden ze in hun romp een muziek,
Met klinkende slag en gezang,
Rauw in zichzelf en voor hen uniek,
Hielden zij de spoel in bedwang,
 
Deze nacht hoeven zij niemand,
Te wekken uit verzonken rust,
Hun staal is lang geleden gesmolten,
En het geluid is in de gevels geblust.

Ad Nouwens – Schrijversatelier

Laat meer gerelateerde artikelen zien
Laat meer zien van Het Schrijversatelier

Bekijk ook

Slimme camera’s in plaats van paaltjes, maar is het duidelijk?

Tilburg – Vanaf maandag zijn de zestien verzinkbare palen rondom de binnenstad vervangen d…